Hagenezen in Amsterdam. Minks wekelijkse column 29-6-2016

Hagenezen in Amsterdam. Minks wekelijkse column 29-6-2016

 

“Vindt u het erg als ik ook even gebruik maak van deze bank” vraag ik beleefd aan de man in de smoezelige regenjas.

“Geen probleem, neemt u plaats”. Hij had zijn benen over elkaar heengeslagen, net als zijn armen, een wat gesloten houding, zegt men.

“Heeft u bezwaar als ik rook?” vroeg hij mij, over zijn jaren zeventig bril kijkend. “Neen, in tegendeel, dan steek ik een lekker shaggie op”.

Even later bliezen we gezamenlijk onze pluimen de lucht in en groeide er een soort van band, tenminste zo voelde dat voor mij.

Hij inhaleerde diep: “weet u, ik zit hier graag, op dit bankje onder deze grote Amerikaanse eik, mensen kuieren langs en het zicht op de vijver brengt rust, hetgeen hier in Amsterdam een schaars goed is”.

Samen met de woorden kwam de rook uit zijn mond mee naar buiten, met duim en wijsvinger plukte hij een stukje tabak van zijn tong.

Hij had een gegroefde kop met slagen in het haar, dat losjes achterover gekamd was en door de wind iets uit model zat.

Zijn licht overhangende oogleden gaven hem zo’n blik van “tja”, zeg maar treurig of wat u wilt melancholiek.

Doch ondanks dit weemoedig masker, ontwaarde ik een hoge mate van alertheid, hij leek je in één oogopslag te kunnen (uit)lezen.

 

Aan zijn woordkeus en manier van articuleren schatte ik in dat het hier om een geletterd mens ging met een zeer uitgesproken mening.

“Mijn naam is Mink, aangenaam”, “Ik heet Simon, aan het taalgebruik te horen komt u uit Den Haag, heb ik vroeger ook gewoond, kwam altijd in de Posthoorn. Ten tijden van de oorlog werd het me te heet onder de voeten dus ben ik naar Amsterdam verhuisd, nooit meer weg gegaan, geen spijt van, het is hier ook goed. Alleen vandaag moest ik er even uit, waar ik nu verblijf is het een beetje een dooie boel en rookvrij”.

Naar zijn ouderwetse aktetas wijzend vraag ik hem of hij op kantoor zit. “Neen ik schrijf stukjes”. “O wat toevallig, ik ook”.

Nou ja, dan weten we in ieder geval waarom we elkander zo extreem aan het observeren zijn, wij Hagenezen in Amsterdam.

Ik keek genietend in het rond, plots was Simon verdwenen, alleen de rooklucht hing er nog, een peukje lag tussen het grind na te smeulen.

 

 

Tekstverantwoording: Mink Out. Meer: www.conck.nl

Website by Splendit 2018

logo-1