Leeg Stadion.                    Minks wekelijkse column 18 april 2018

Leeg Stadion.                    Minks wekelijkse column 18 april 2018

 

Wanneer ik Den Ouden Neel de 1een de 3edinsdag van de maand voor haar rijtoer ophaal heeft hare koninklijke hoogheid altijd wel iets mede te delen over een nieuwe koers of taak.

Deze keer was het niet anders, we zouden ‘op pad’ om uit te zoeken waarom Jo, haar pedicure, de telefoon niet meer opnam.

“Ik hoorde dat ze in het ziekenhuis lag, hoop niet dat het ernstig was. Als je naar ons oude buurtje rijdt Mink, weet ik wel waar ze woont, schuin onder Corrie die altijd van die lekkere appeltaarten bakt”.

 

Eerst naar Florencia, daarna C&A, dan de Griek in de oude lampenzaak en onderweg naar de auto nog even een paleistuintje meepikken.

Ze babbelt honderduit terwijl ik met mijn tong op de knieën haar rolstoel over de Haagse duinen duw, op de bankjes naast de hoofd ingang ga ik even zitten om uit te blazen. “Poeh, poeh, moe, ff rusten”.

“Moe? Hoe vaak denk je dat ik jullie met de kinderwagen door deze paleistuin heb geduwd!” “Ja mam maar wij waren wij niet zo zwaar als jij nu”. “Nou nou jongen zwaar, dat valt best mee, gaan we weer?”

 

In haar oude buurtje aangekomen wijst ze me precies waar de pedicure woont, na het aanbellen blijft de deur gesloten.

Den Ouden Neel wijst op het huis van Corrie Appeltaart, ik bel, een hipstervrouw doet open, ze woont er al twee jaar, zegt ze.

Corrie appeltaart doet bij haar ook geen belletje rinkelen en van een pedicure weet ze ook niets. “In dat huis woont nu een jong echtpaar.

Op 15 woont een bejaarde, dove vrouw, zij weet alles van de buurt”.

De dove vrouw ziet me voor haar raam verschijnen, ik vraag haar in gebarentaal of Jo en Corrie hier nog wonen, ze schudt achterdochtig neen en verdwijnt haastig uit het zicht.

 

Onverrichter zaken rijden we richting (bejaarden)huis, langs Daan en Dien, Joop en Toos, de melkboer, de familie Stein met die kinderenschare………”Allemaal dood, ze waren nog jonger dan ik” spreekt Den oude Neel somber. “Je hebt je kinderen en zo toch nog” probeer ik haar op te beuren, “Ja, ja” zegt ze met een matte glimlach.

 

Het voelt alsof ze de enige is op de tribune van een leeg stadion, de laatste supporter van een competitie die allang afgelopen is…………….

 

Tekstverantwoording: Mink Out.                                 

Lees verder

Heimwee naar Suriname.        Minks wekelijkse column 11-4-2018

Heimwee naar Suriname.        Minks wekelijkse column 11-4-2018

 

Sinds de financiële crisis haal ik óók Boodschappen bij de Lidl.

Voor ik naar het café ga, de melk is er lekker romig en de bakken met gadgets vind ik steeds weer een soort pakjesavond.

Tis vlakbij de Haagse Mart; de Wesselstraat, in de oudbouw zat hier een dierenarts, vaak bezocht, was ook niet duur, tja in deze volkswijk.

 

Het is best te doen, mijn nep Harley voor de deur, dr’in en dr’uit en met volle tassen op naar mijn café, het terras moet open, heerlijk!!

Vandaag viel het vies tegen, tot halverwege de zaak stonden lange rijen het ‘neem mij ook’ der hoererende artikelen quasi te negeren.

“Zijn de uitkeringen er uit” vroeg ik een grote, stevige, Surinaamse vrouw van middelbare leeftijd die achter me stond. “Neen, die moeten nog komen” antwoorde ze met zo’n gulle Surinamersglimlach.

 

“Wellicht mede gedreven door de ontevredenheid van het wachten sprak ze even later: “Ik ga weer terug naar Suriname!”

“Is dat nou wel zo’n goed idee met Bouterse die daar vooral goed voor zichzelf schijnt te zorgen en de rest laat stikken?”

“Ach joh, dat maakt niets uit, je moet alleen zorgen dat je een lapje grond hebt, alles groeit daar zo makkelijk, bijvoorbeeld bakbananen, hele trossen, wat kippetjes er bij, dan kom je er wel”.

“Ik heb wel eens een filmpje gezien van bananenplukkers maar dat zijn gigantische trossen, die til je, als vrouw zijnde, niet zo maar even op”.

 

“Dat komt vanzelf goed, mijn oma had vroeger ook zo’n lapje grond, die redde zich best, voor de bananen is altijd wel wat hulp.

Voorlopig moet ik nog hier blijven om op mijn 16 jarige dochter te passen, ze wil niet mee naar daar en moet haar school afmaken.

Mijn zoon gaat ook niet mee, heeft een goede baan, en een kindje met een blanke vrouw, die zou daar nooit kunnen wennen, en zijn blanke vrouw zéker niet, ze zouden heimwee hebben, net als ik nu”.

“Je zal ze wel missen als je daar zit”. “Zeker weten, maar hoe ouder ik word, hoe sterker de heimwee”. Het gesprek was het wachten waard. We hebben, denk ik, allemaal een hunkering naar vroeger, de één naar oudbouw, de ander naar oma met het lapje grond, of je dat ooit vind??

Later zag ik haar bepakt en bezakt op de tram staan wachten, wat ze bij zich had groeit nooit op een lapje grond, we zwaaiden, aardig mens.

 

Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Op zuh eiguh. Minks wekelijkse column 4 april 2018

Op zuh eiguh. Minks wekelijkse column 4 april 2018

Nou, we gingen naar IKEA, laminaat halen voor zijn nieuwe huis. Met zijn auto, die had een vijfde deur, dat is makkelijker laden.

“Wat rij je truttig, in mijn auto trapte je, met je tong uit je mond en je pupillen tegen het windscherm, het pedaal door de bodem”.
“Weet je wat zo’n volle tank kost pap?” “Ja maar ík was toch altijd die ouwe zeiker als ik vroeg of het wat minder kon”.
”Mijn boordcomputer geeft aan dat dit de zuinigste snelheid is dus ik ga niet harder, is trouwens ook beter voor het milieu!!!”

Meneer ging er vanuit dat wij het laminaat betaalden, niet mijn idee maar het moest van zijn moeder en dan weet je het wel.
Je laat je kind toch ook niet op het koude beton zitten, heeft hij nóg een mazzeltje, samen met die flatscreen, wasmachine en koelkast.
Ja ik weet het, we hebben het zelf gedaan, hij is verpest, maar we kunnen het missen voor ons ‘prinsje’. Hij moest zo nodig op zuh eiguh. Valt ietwat tegen, terug kan niet meer, het is nu echt menens.
Het vloertje zat er snel in, al van kleins af aan helpt hij graag met klusjes, dat handige, dat hebt tie van zijn vader, nog steeds is het heerlijk om samen met hem dit soort dingen te doen.

Het zweet staat op mijn voorhoofd, ik trek de koelkast open voor een koud pilsje maar zie een eenzaam kuipje boter…. boter…. boter :-).
“Hebbie niks te drinken?” “Nee, ik heb nog geen boodschappen gedaan”. “Nog geen? Hij is helemaal leeg, valt tegen hé gozah.
Thuis kon je met een uitpuilende buik de koelkast plunderen, stapel dik belegde boterhammen, pak melk aan je mond, ben je aan de lijn?
Kom, dan gaan we ff inslaan, pakken meteen een lekker koud pilsje”.

Al gauw zit het boodschappenwagentje propvol en is mijn portemonnee leeg. “Zeg maar niks tegen je moeder over die boodschappen”.
“Niet nodig; ze had al gezegd dat jij dat bij het zien van mijn lege koelkast waarschijnlijk de boodschappen wel zou betalen”.

Ja uhhhhh, ik weet het, we hebben het zelf gedaan maar hij woont nu wel mooi op zuh eiguh………………toch?????

Tekstverantwoording: Mink Out. Meer: www.conck.nl

Lees verder

Niet meer de zijne. Minks wekelijkse column 28-3-2018

Niet meer de zijne. Minks wekelijkse column 28-3-2018
 
Het schijnsel der lantaarns streelde zijn pafferig gezicht. Zijn haardracht, sjieke bril en kledij wekte niet de indruk dat je met een oude Haagsche crimineel van doen had.
Drie maal per week stappen liet zijn sporen na maar zijn matras puilde uit van het geld en dat moest toch op aan leuke dingen.
Het was een gouden tijd geweest, waarin hij en Fred (het Mokertje) hun zakken vulden door te handelen in alles wat de nacht nodig had.
Fred kreeg zijn bijnaam: “het Mokertje” niet voor niets, ze deinsden nergens voor terug, deze twee ‘jaren 50’ Schilderswijkschoffies.
 
De eerste ‘Joegoos’ die hier voet aan de grond probeerden te krijgen zijn mede door hen toch maar even een stadje verder gaan shoppen.
Door de drank van zijn ferme tred beroofd zigzagde Bob door de nachtelijke binnenstad naar een duistere deur die nog open was.
De Marokkaanse portier groette en liet hem binnen.
Ik herkende Bob meteen, hij was straalbezopen, gewoon maar negeren, het was mijn avondje uit………. maar niet voor lang.
Hij pakte een jonge jongen rond zijn nek en knelde deze af om hem wat in zijn oor te fluisteren.
De grote ogen en open mond van het onfortuinlijk puistenkoppie wezen op acute ademnood, de portier ontzette het slachtoffer.
“Wat mot je k..ker Marokkaan” schreeuwde Bob, ik sprong maar ff bij, gaf Moes een knipoog en trok Bob naast me aan de bar.
“GVD kappen nou Bob, je gaat toch niet mijn stapavondje verpesten?”
“Ik haat die kan..r Marokkanen en wat kennen ze dan………….weet je wie ik ben? Ik ben het: Grote Bob, mij foppen ze niet” brulde hij.
“Ja Bob, genoeg zo, neem nog een drankje en ga dan lekker naar huis, je bent zo lam als een konijn man”. Het hielp, de rust keerde weer.
Het was een mooie tijd Mink, komt nooit meer terug” sprak hij met weemoed in zijn stem, tis mis gegaan toen ze Mokertje dood in zijn auto vonden, ik heb het niet gedaan, dat zweer ik op mijn kinderen”.
 
Of ik nog mee ging voor een shoarmaatje, “neen ik ben aan de lijn” sprak ik tussen twee ferme slokken bier door.
Taxi gebeld, nog wat spierballentaal tegen Moes, en toen was hij weg. Weg uit deze tent en weg uit deze tijd, die niet meer de zijne was!
 
Tekstverantwoording: Mink Out

Lees verder

Een wrede grap. Minks wekelijkse column 22-3-2018

Een wrede grap. Minks wekelijkse column 22-3-2018
 
Wanneer ik met mijn haar in coupe slagveld en rode ogen wakker word luister ik, tijdens mijn eerste onzekere stapjes, Radio 1.
En ja hoor: wederom de charmant stokkende stem van Erben Wennemars die mij maar weer eens bijpraat over………… schaatsen!
Heb zo langzamerhand wel genoeg van dit soort opblaas journalistiek.
Over naar Radio 4, al gauw wordt ik in mijn wakker-worden-middagritueel bijgestaan door sprankelende klassieke muziek.
Als teken van leven voor eventuele inbrekers is het gewoonte de radio bij het weggaan zacht fluisterend aan te laten .
 
Zo’n twaalf uren later is het brood verdiend en strompel ik diep in de nacht uit mijn auto, ik groet de allochtoonse buurman van de overkant, we praten eigenlijk nooit met elkaar, maar hij houdt me staande.
“Uw buurman is vandaag overleden, we komen net uit het ziekenhuis, zo jong nog”, zijn vrouw begint ook te praten: “dat u niets wist, hij is een paar dagen geleden ’s nachts met de ambulance weggehaald”.
Nou had ik van de week wel blauw zwaailicht langs de jaloezieën zien strijken maar een te kort aan sensatielust kon mijn nieuwsgierigheid niet doen ontvlammen laat staan aanwakkeren.
Verbijsterd loop ik naar het portiek, zijn patserauto staat voor de deur, zo’n Ram Air geval, ineens ziet hij er anders uit, enorm leeg.
 
Ik ga richting mijn voordeur, bij hun is alles al donker, wat een tragedie, die vrouw alleen en die dochter, ze was altijd bij haar vader, hij was haar grote held, wat moeten die twee nu zonder hem?
Binnengekomen staat Radio 4 nog aan, erg toepasselijk: Tomaso Albinoni’s Adagio (moest het wel even opzoeken) hier de link voor als je het wil beluisteren:  https://youtu.be/eLU5W1vc8Y 
 is echt de moeite, melancholiek en passend bij zo’n abrupt afscheid.
 
Niet dat ik hem veel zag, ben vaak weg, maar ik was aan hem gewend.
De dag er na aangebeld om te condoleren en mijn hulp aan te bieden.
Ogen tonen een schichtige mix van radeloosheid, wanhoop en onmacht.
De voile van verdriet doet mij deze gezichten nauwelijks herkennen.
Ik aanbid het leven en zie het als een prachtig cadeau, maar op dit soort momenten is het toch wel een erg wrede grap…………sterkte!
 
Tekstverantwoording: Mink Out. Meer: www.conck.nl

Lees verder

Uitgestreken. Minks wekelijkse column 14-3-2018

Uitgestreken. Minks wekelijkse column 14-3-2018
 
Een geliefd karweitje waar ik telkens tegen opzie als tegen een berg is het strijken van tafelkleedjes uit de partyruimte.
Als de party over is, knoop ik in de vorm van een knapzak de vuile kleedjes bij elkaar. Wanneer, diep in de nacht, mijn voordeur achter me sluit, opent niet lang daarna de wasmachinedeur zich.
Oxi Action, Robijntje en de kleedjes er in, timer aan, zodat de machine zijn verhelderend werk pas start wanneer ik rustig slaap.
 
Bij het krieken der (mid)dag gaan de kleedjes nat aan de droogmolen.
Bij thuiskomst ‘s nachts kreukloos droog van de lijn zo op de plank, de strijkplank welteverstaan.
‘Een geliefd karweitje waar ik als een berg tegen opzie’, zoals hierboven geschreven, slaat er op dat het altijd weer een hele klus is.
Maar, wanneer eenmaal bezig, met koffie en een goede docu, eigenlijk zeer ontspannend en goed te doen.
Mede door het strijken met van dat kreukvrij spuitbussenspul, is de bloemengeur niet van de lucht.
Het hele huis, en na dekking de partyruimte, ruikt de ene keer als Morgenfris en de andere keer als Spring Sensation. Mijn neus laat zich leiden door wat de Action mij zoal reclame-technisch opdringt.
Zeker is wel: zonder Robijntje zou mijn leven ondraaglijk zijn.
 
“Mink, dat kan echt niet meer die kleedjes met lopertjes op de tafels bij feesten en partijen, het moet anders” sprak Kel.
“Neen, ik ben er erg blij mee, ze staan sjiek en gaan echt nooit weg!!!”
Twee dagen later zijn ze er, de nieuwe tafelbedekkingen, een soort van panty achtige stof die je als een condoom om de tafel heen trekt met speciale hoesjes onder de poten om het tricot aan te spannen.
 
T’ is even wennen maar nu ze eenmaal in bedrijf zijn moet ik bekennen dat deze ‘Durex’ tafelkleden beter ogen dan de oude.
Een ander, niet onbelangrijke bijkomstigheid is dat de kleedjes, door het aanspannen, niet meer onder de strijkbout geplet behoeven te worden, met andere woorden… na 20 jaar ben ik uitgestreken.
Die oude kleedjes kunnen me nu eigenlijk wel de bout hachelen.
Moet niet gekker worden, ik zou nog tijd overhouden.
 
Tekstverantwoording: Mink Out. Meer: www.conck.nl

Lees verder

Vroege lentedag. Minks wekelijkse column 7-3-2018

Vroege lentedag. Minks wekelijkse column 7-3-2018
 
Deze zonovergoten dag zingt over het voorjaar dat is geboren.
Ik schuif de ramen van het café wagenwijd open, het water van de Trekvliet schittert fris tussen wegkwijnende ijsschotsen.
Op zo’n moment voel ik me een soort van Dracula die, wit als een doek, en onder stof en spinnenwebben uit zijn tombe stapt.
Het ingedommeld horecapand komt bij in de verkwikkende lentelucht.
Schoorvoetende stapjes bepotelen behoedzaam dit zo prille jaargetij.
Het terras, ontwakend uit haar winterslaap knippert met de ogen.
Zal haar snel ontdoen van de smoezelige grauwsluier waarin de donkere maanden haar hebben gehuld, dan kan ze weer verleiden.
 
“Zou je dat raam niet dicht doen, tis koud” het was Bart, leuke man vol adviezen die hij bij binnenkomst altijd gratis en voor niets over de bar gooit. “Zou je geen muziek aanzetten” was zijn tweede advies, het derde vulde ik zelf al in: “Dat eerste biertje weggooien zeker”.
“Mooi verhaal van die bevroren kranen, gaat zeker wel in de papieren lopen!” “Nou het valt mee, alleen zo’n drukknop voor het urinoir kost bijna honderd euro, maar hij glimt wel.
Tis mijn eigen schuld, twee dagen vrij, geen verwarming aangezet, die in het herentoilet waren trouwens voor de zoveelste keer stuk.
 
“Dan moeten we ze maar ff nakijken” roept de juist binnenstappende Rini, een handige gozer, heeft werkelijk overal verstand van, als iets stuk is moet en zal hij het maken.
Daar komt buurman Mart binnen, “nemen we de goedkope of dure koffie”, “als jij hem zet Mart, de goedkope, die is gratis”.
Rini heeft het 1e kacheltje al open en vier gezichten verdringen zich boven dit ‘made in China’ vernuft om als eerste het euvel te vinden.
Natuurlijk is Rini de eerste, hij krijgt hem aan de gang, het is de thermostaat, we kunnen hem buiten spel zetten, maar dat is niet slim.
De immer fanatieke Mart zit al op zijn smartphone: ”Ha, ha, dat soort kacheltjes kosten € 9,95 bij Alibaba”.
Rini laat demonstratief zijn schroevendraaier vallen en roept lachend uit: “daar ga ik niet tegenaan repareren, doe mij maar een biertje”.
 
Wat een warmte hé, in zo’n cafeetje, je hebt haast geen kacheltje meer nodig hebben, op deze vroege lentedag.
 
Tekstverantwoording: Mink Out. 

Lees verder

Het pleeggezin. Minks wekelijkse column 28-2-2018

Het pleeggezin. Minks wekelijkse column 28-2-2018
 
Vanwege huiselijke turbulentie was het tijd voor kleine Mink om fijn een maandje of drie bij een pleeggezin in het pittoreske Lunteren te gaan wonen.
Lekker landelijk met klompenmakers, paarden en geitjes in de wei en natuurlijk met de ‘tuinpaden van m’n vader’, maar dan ff niet van mij.
Het gezin waar ik onder de pannen was bestond uit nogal wat kinderen, ik denk zeker acht in trapsgewijze maten, de oudsten hielpen bij het grootbrengen van de jongsten, goede oefening en moedersparend.
Naar school ging ik daar graag, daar was Jantien, lievelingetje van juf Corrie en van mij, helemaal tot over mijn oren was ik van haar.
 
Een vriendje was snel gevonden, Jochem, niemand in de klas wou hem hebben en omdat ik ook alleen was ‘klampten’ we best.
Tot die middag: op het televisietoestel stond zo’n Spaanse danseres, hij trok het topje naar beneden en kneep in de plastic poppentietjes met een grijns waar Hannibal Lecter van zou schrikken.
Ok, ik lachte met hem mee maar achteraf betwijfel ik of mijn lach op zijn minst Donald Duck ‘eendenvel’ had kunnen bezorgen.
Echter, een tweede gebeurtenis op deze dag deed toch wel een ‘vaag’ vermoede rijzen waarom Jochem, buiten mij, geen vriendjes had.
Een onfortuinlijke vlieg, trok hij ondanks mijn hevig protest de vleugeltjes en pootjes uit en legde het weerloos rompje op de rail van zijn modelspoorbaan zodat de locomotief (met echte rook) het ‘bloedbad’ af kon maken.
De dag erna stond Jochem, een vriend armer en een blauw oog rijker,
weer eenzaam op het schoolplein. Nooit meer wat van hem vernomen, wellicht in de krant maar dan zonder te weten dat het over hem ging.
 
Zondags naar de kerk was voor mij, op familiare doopevenementen aan het permanente thuisfront na, de eerste keer.
Terwijl ik op de achterste bank, voor het eerst in mijn kort leventje, full color porno boekjes ter inzage kreeg preekte een dominee met vervaarlijk fladderende vleermuismouwen dood en verdoemenis.
Mijn surrogaat ouders gingen nooit mee, zij liepen, als we suf geluld weer thuis kwamen, in pyjama en nachtpon. Ja, wij gingen op zondag heen en zij vermenigvuldigden zich tot een groot, stabiel pleeggezin.
Tot zover mijn ervaringen uit het pittoreske Lunteren, terug naar nu.
 
Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Vergeef me. Minks wekelijkse column 21-2-2018

Vergeef me. Minks wekelijkse column 21-2-2018
 
Hij dooft de lichten, trekt zijn jas aan en verlaat de zaak.
De deur valt dicht, het op slot draaien der nachtvergrendeling geeft het einde van de dag aan.
Voetstappen ebben weg, een vloed van stilte overspoelt dit laatste geluid, schemerig schijnsel streelt jou groene linnen laken .
Vaak was jij het middelpunt, een ieder volgde onder het genot van een drankje en sigaret het verloop van de krachtmeting.
 
Je bent nog van voor de oorlog, je massief eiken poten zijn uitgevoerd in Art Deco, voor die tijd erg trendy. Ergens onder het speelveld staat met inkt 1934 geprint, je was hier dus al vanaf de opening.
Je was er dus ook bij toen de Duitsers Paul Drilsma van hiernaast in 1944 van huis haalde en op transport naar Auschwitz zette.
 
Menig speler die voorover leunend in uiterste concentratie het hoofd ophief heeft hem in vele gevallen ook al weer neergelegd, zo gaat dat.
Nog steeds is het café nachtelijk stil, een koeler slaat aan en de ijsklontenmachine laat zijn vers bevroren duinwaterklompjes kletterend op de oudere vallen.
 
Maar helaas, de tijd raast een ieder en ook jou voorbij, na ruim tachtig jaar moet jij het veld ruimen, je bent een sta in de weg.
Aan allerlei oplossingen is gedacht maar geen was de goede.
Niemand wilde je, er was zelfs een idee je als brandhout weg te geven. Zou mijn vingers er niet aan branden laat staan aan warmen.
Je in het vuur te zien verteren zou ondraaglijk zijn, tijdens de executie zou ik mijn verdriet blussen met tranen die ik voor jou laat.
 
Hulp, om je van de brandstapel te redden, kwam net op tijd, er zijn toch nog geïnteresseerden die van acquit willen, een pak van mijn hart.
Morgen, als de zon opkomt en de haan 3 maal kraait komen ze je halen.
Dat juist ík de gene moet zijn om jou de deur te wijzen valt me zwaar.
Aan mijn voorgangers, mensen die je ‘bespeelden’, maar in de eerste plaats aan jou smeek ik: “vergeef me” oude vriend.
 
 
Tekstverantwoording: Mink Out. 

Lees verder

Een mooie dag. Minks wekelijkse column 14-2-2018

Een mooie dag. Minks wekelijkse column 14-2-2018
 
“Fijn een stukkie rijden mam!” Tetter ik opgewekt als ik met piepende banden de rolstoel bij Den Ouden Neel de kamer op rijd. Ze is blij me te zien. “Leuk jongen, waarheen?”
Haarlem, iets brengen! Stralend weer moeders, wie houdt ons tegen”.
Even langs het tankstation voor koffie met koek en dan snel en route. De zon straalt in de auto en in ons hart, het is een mooie dag.
 
“Zeg Mink, wat denk jij nou van die minister, dat is toch niet zo slim?” “Neen mam, niet echt slim, hoe kan die lul dat nou doen, dat bluffen, nergens voor nodig, ik zeg je, die neemt zijn ontslag mam, ff de radio aan……Nou, wat zei ik, hij bied zijn ontslag aan, kon ook niet anders.”
“Vond het wel een nette man Minnekus, toch wel een beetje zielig”.
“Ja mam maar je weet toch nog wel van die hoge bomen en die wind”.
“Ja, dat is zo jongen, wat een hoop auto’s hé”. “Ja mam, 6 banen breed en soms nog niet genoeg, kijk een vliegtuig, lijkt wel of hij stil hangt”.
 
Na de verplichting ff naar IJmuiden, wapperen in de wind, het is duidelijk geen seizoen, de boel ligt er troosteloos en verlaten bij.
Dan maar ‘tussendoor’ naar Van der Valk in Wassenaar voor biefstuk met appelmoes. Villa’s, bossen, schapen en boerderijen flitsen voorbij.
Na even genoeg Rudolf Schock te hebben gehoord, de radio weer aan. Na een zware bevalling is die donorwet uiteindelijk toch aangenomen.
Pia Dijkstra’s triomferende rentree als presentatrice voor het Nederlands volk is een feit. Uit ‘voorzorg’ ga ík het script nu maar eens van A tot Z doornemen om haperingen te voorkomen.
 
Bij van der Valk aan de tafel neergestreken vallen we aan op de lekkernijen ons voorgezet. Een appje: rechter beslist; rookruimtes moeten weg uit de horeca. Schijnbaar zijn er na de financiële crisis, alcohol-leeftijd voor de jeugd van 16 naar 18 en het verbieden van roken nog niet genoeg horecazaken op de fles (of in rook op)gegaan.
Dit soort gein kost me zo langzamerhand wel mijn overigens steeds schonere longen die dadelijk geen sterveling meer nodig heeft.
Tja, #HalbeWasErbij, #MeToo. Halbe krijgt na zijn blunder twee ton wachtgeld per jaar en ik strompel, weer een kans armer, gewoon door.
Er zat bij Valk wel een kers in de appelmoes, toch een mooie dag!
 
Tekstverantwoording: Mink Out. 

Lees verder

Contact

  • Grand Café de Conckelaer
  • EetCafé
  • Hoekweg 1
    2275TA Voorburg
    Nederland
  • 06-51365165 (na 15u)
Map for Hoekweg 1 2275TA Voorburg Nederland

Website by Splendit 2017

logo-1