Als gevolg van de Coronacrisis zijn wij helaas tot nader order gesloten… Blijf gezond en hopelijk tot snel…

Opening Terras Grand Cafe de Conckelaer

Auteur Archief

Nelis.                          Minks wekelijkse column 23-9-2020

Nelis.                          Minks wekelijkse column 23-9-2020

 

Ineens zat hij op mijn terras, Nelis, ken hem van vroeger.

“Van de week vrijgelaten, 2 jaar is niet niks, ben blut, heb dorst en honger, dacht die Mink met dat café laat me niet steunen”.

“Drink en eet op mijn kosten en daarna wegwezen Nelis, tis hier niks voor jou gozah, hele andere wereld”.

“Deal Mink, ik wist dat ik op je kon rekenen, ouwe gabber”. “Ja, ja”.

 

De drie stoks saté met patat was rap op. Of hij ternauwernood een voettocht door de verzengende hitte van de Sahel had overleefd klokte hij in een keer het mannenglas Weizenbier naar binnen.

Met de rug van zijn hand veegde hij zijn mond af en liet een boer. “Ahhhhhh, wat heb ik dat gemist, kan er nóg ééntje af Mink, dan ben ik weg, heb een afspraak, lekker wijf, van zo’n onlinedatingsite”.

 

“Moet jij óók doen, als je elkaar leuk vindt is het een match en kan je chatten, zo heb ik voor vanavond een date met een danseres, wel wat pronkziek met haar lichaam, een slecht teken? We zien wel”.

“Nou ja Nelis, jij had altijd al mazzel in de liefde dus het zal nu ook wel weer lukken met de lucky lips van je”.

“Gister met een andere match naar het strand geweest, leuk, ze wilde nog een keer uit eten, heb maar gezegd dat ik er niet aan toe was.

Zat met mijn gedachten steeds bij die van vanavond, met haar had ik meteen een klik, honderduit babbelen, en lachen, dezelfde humor, met een beetje mazzel hoef ik vanavond geen slaapplaats te regelen en heb ik morgen ontbijt op haar bed”.

 

“Wil mijn leven weer opbouwen, en nu goed, daar heb ik een vrouw voor nodig die me een beetje in toom houdt, anders zit ik zo weer vast.

“O ja, nog even een vraagje: morgen krijg ik een voorschot van de sociale dienst, kan je me voor vanavond ff een meiertje lenen”.

“Hier heb je 50 en dan vind ik het echt mooi geweest Nelis”.

 

Hij pakte het gretig aan en bezwoer me ‘op zijn kinderen’ dat ik het morgen terug kreeg, hij ging en ik wist dat ik hem voorlopig niet meer terug zou zien, wij waren nooit zo’n echte match maar hij had honger, dorst en heeft mij ook wel eens gematst, t’ was hem gegund die Nelis.

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.         Meer: www.conck.nl

S.d. The Bedroom. Laura Knight (1877 – 1970).

Lees verder

Mijn stad.                            Minks wekelijkse column 9-9-2020

Mijn stad.                            Minks wekelijkse column 9-9-2020

 

Tijdens mijn jeugd heb ik bijna alle ‘prachtwijken’ van mijn stad Den Haag bewoond, Den Ouden Neel was wat onrustig zeg maar.

Na mijn vleugels te hebben uitgeslagen heb ik er nog twee   kanspareltjes aan vast geregen, zijnde Transvaal en het Kortenbosch. In de laatstgenoemde wijk hou ik alweer zo’n dikke 35 jaar domicilie.

Je kan dus wel stellen dat ik deze stad aardig heb leren kennen.

 

Mensen vluchten uit mijn stad naar nieuwe omgevingen waarvan ze denken dat het beter zou zijn en wellicht is dat ook zo.

Laatst tijdens het wachten bij Toko Sien sprak ik een man van Marokkaanse komaf. Hij was een jaar of vijfendertig en blij niet meer in de Schilderswijk te wonen maar in Leidschenveen.

Meer ruimte en minder criminaliteit. Beter voor de kids, wel was er nog steeds een soort van trots in deze wijk gewoond te hebben.

Of ik mezelf hoorde praten, vind het ook altijd prachtig om in mijn platste Haags te zeggen dat ik ooit een Schilderswijker was maar ben, net als mijn gesprekspartner, ook niet rouwig dat ik er ooit weg ging.

 

Ja, mijn stad, was ik wat jaren geleden verbaast dat de ‘men’ met een flesje water over straat liep, lopen ze nu met reuzenspeakers onder de arm, zodat we allemaal mee mogen genieten van hun exquise muzieksmaak en dat bij voorkeur midden in de nacht, tis ff wennen.

 

En als je dan wel een kleine piemel hebt en geen geld voor een grote auto, dan koop je gewoon van die bruluitlaten onder je babyautootje.

Zo fijn om deelgenoot te mogen zijn van hun Max Verstappendroom.

Zou het voor geen geld willen missen:-/ en zij blijkbaar ook niet, want het lijkt me goed voor een forse geldboete met administratiekosten.

 

Mijn stad, latex handschoenen en mondkapjes in plantsoenen.

Met hun lippen aan ballonnen lurkende lijpen die denken te begrijpen.

Zwervers met hasjlucht in parken, bedelaars bij winkels en terrassen. Grofvuil bij afvalbak of zo maar op hoeken, ondanks dat blijft het toch mijn stad en zal ik never nooit wat anders zoeken!!!

 

-Binnenkort een wat positievere ‘mijn stad’ column-  

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.

1924 The Beggar of Prachatice. Conrad Felixmüller.

Lees verder

Rechterhand.                      Minks wekelijkse column 2-9-2020

Rechterhand.                      Minks wekelijkse column 2-9-2020

 

Als voorbeeldig burger breng ik het karton naar de milieustraat.

Het laatste klusje en dan begint een weekendje vrij sinds tijden.

t’ Was al na middernacht maar karton maakt geen lawaai en de koets van hare majesteit Den Ouden Neel moest schoon opgeleverd.

Nog ff mijn spullen in het café pakken en dan naar huis waar crackers, thee en mijn nieuwe luxe dekbedovertrek lokkend wachten.

 

Op alle 100 plekken waar mijn mobiel doorgaans ligt ving ik bot.

Niet op het afgesloten dakterras boven het water, niet in de auto. Koortsachtig liep ik nog eens om en door het pand, de paniek sloeg toe.

Daar ging mijn vrije weekend, shitzooi, had er zo naar verlangd.

Waar kon dat ding zijn, ik piekerde me suf, zelfs niet in de koelkast.

En toen: hét idee, op de laptop een programmaatje om hem te vinden.

Na een hoop geëtter van ondergetekende digikneus werd netjes op een kaartje aangegeven dat hij zich bij de kartoncontainer bevond.

Snel per auto erheen met de laptop als gidsende medepassagier.

Dolend rond de metalen zerken van de milieustraat moet mijn, door het scherm verlichte, tronie, voor de ‘en passant’ passerende nachtbraker op een geestverschijning hebben geleken.

De mobiel lag niet op de grond of op de container, wellicht erin?

Met mijn oor bij de open klep drukte ik op de toets voor het signaal en ja hoor, vanuit de krochten dezer kartonsilo klonk een benepen pulsje.

Mijn kind, ik had haar gevonden. Op weg naar huis maakte mijn onrust plaats voor een soort van kalmte, eindelijk echte rust, geen mens of alarmpje kon me nog storen, maar hoe nu verder, snel dingen regelen.

 

Wat sms’jes voor een nieuwe mobiel en wellicht een reddingsplan als mijn rechterhand Kelly-Ann er bij het ochtendgloren zin in had.

De verwachte zoete rust onder mijn nieuwe dekbed bleef uit, prakkedraaiend wedijverden slaap- en denkflarden naar mijn gunst.

Voor wat klokkende slokken of het lozen ervan slaapdronken een aantal malen uit bed, bij de zoveelste keer, in een ooghoek plots mijn mobiel op het tafeltje in de hal, zeker weer een slaap/denkflard.

Ik greep, het voelde echt, ze had hem gewoon uit de container gekregen die Kell, noem haar niet voor niets mijn rechterhand, dank fantastisch mens. Mede dank aan Steef, Xander, Apple en Avalex:-)

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.         Meer: www.conck.nl

1911 The Breakfast. William McGregor Paxton (American, 1869-1941).

Lees verder

Barpraat.                             Minks wekelijkse column 26-8-2020

Barpraat.                             Minks wekelijkse column 26-8-2020

 

“Mijn ouders hadden een ijzerwinkel in Zaltbommel, daarnaast verkochten ze ook bouwmodellen, modelspoor- en racebanen.

Als ik uit school kwam waren ze altijd in ‘de zaak’. Er was nooit niets te doen, ze werkten zich rot. Verkopen, bestellingen, geld halen, boekhouding, de boel schoonhouden. Wat denk je, al die treintjes en zo, die konden niet onder de stof zitten bij interesse.

 

We hadden het goed, mijn vader bezat de hele collectie van James Last -ja ook die op klompen- en mijn moeder had altijd de nieuwste huishoudmachines waaronder een klap in je bek oranje droogkap.

We waren zelfs de eersten van de Zaltbommelse goegemeente die een kleurentelevisie met tiptoets in het eiken wandmeubel hadden staan.

 

Zaltbommel was een heerlijke omgeving om op te groeien. Dit stroomgebied van de Waal was onvermijdelijk het podium voor mijn opgroeien, kanoën, vissen, zwemmen, zeilen, noem maar op.

Het bestaan kabbelde kalm door, kon me geen betere kinderjaren wensen, geen neen te koop, mijn ouders waren een modelpaar, heb nooit een onvertogen woord gehoord, een ouderwets fijn huwelijk.

 

Alles goed en wel maar Bommel werd toch veel te klein voor me, tis en blijft een soort van dorp, de mensen gingen nog net niet met de kippen op stok maar na acht uur s’ avonds was er geen ruk meer te doen.

Mijn vader was zwaar teleurgesteld dat ik niet in zijn voetsporen trad. Elke dag in die duffe winkel met een stofjas achter de toonbank leek me geen garantie voor het jolig leven dat ik voor mezelf in petto had.

 

Neen, ik woon al heel lang in Den Haag. School voor de journalistiek gedaan, werk nu freelance voor kranten, kan me uitstekend redden.

En hier kan je ook nog redelijk de bloemetjes buiten zetten.

De zaak van mijn ouders is niet meer, staat leeg, opgeslokt door de tijd en die gasten van o.a. Ouwe taaie jippie jippie jeejjjjj.

Of ik ooit terugga? Weet nog niet, soms verlang ik wel naar die machtige rivier en dat weidse landschap maar voorlopig vind ik het hier nog best. Geef mij nog maar een biertje en neem er zelf ook één”.      

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.         Meer: www.conck.nl

1917 Fishing. Nikolay Petrovich Bogdanov-Belsky.

Lees verder

Dakterras. Minks wekelijkse column 19-8-2020

 
Dakterras. Minks wekelijkse column 19-8-2020
 
Al 26 jaar zie ik haar dagelijks, ondanks het vergaan der tijd heeft ze aan schoonheid nauwelijks ingeboet en is mijn steeds weer opvlammende begeerte geenszins geblust.
 
Mijn ziekelijk verlangen naar haar kan niet onopgevallen zijn gebleven.
Elk moment dat zich er voor leende hing ik bij haar rond, ze gaf geen krimp, gedroeg zich hooghartig en deed of ik lucht was.
Wanneer ze badend in zonnestralen, zinnelijk, haar onontkoombare aantrekkingskracht op mij losliet, greep de wellust mij naar de keel hetgeen mij amechtig naar deed lucht happen, ik moest haar bezitten.
Pogingen van toenadering bij haar chaperon liepen uit op niets.
Teleurstellingen werden mijn deel, de onaantastbaarheid bleef.
 
Soms liet ze zich wél -stiekem- bepotelen: een onbewaakte KonDag, rond de kerst, of op zo’n vroege zomermorgen, wanneer meeuwen schreeuwen tijdens hun ontbijt tussen opengereten vuilniszakken en een enkele eend onwetend de ochtend wakker snatert.
Toen die keer dat ik met afhangende benen bungelend boven het dampig water mijn zonden overdacht of ze beging met een in vuur en vlam staande verovering.
 
En nu mag ik er dan eindelijk, met permissie, op. Het pijnlijk wachten wordt beloond, vooralsnog is het slechts een korte corona romance maar we gaan, wanneer gegund, voor het samen oud worden.
 
Het had wat voeten in de aarde maar de vergunning is rond, na 26 jaar mogen we het dak op, van de waterkering bij de Geestbrug aan de overkant van mijn Café welteverstaan.
Het hek en de traptreden zijn (zonder boren) geplaatst, terras en parasols staan paraat, een heuse toegangspoort is ook een feit (nou ja, het vergt nog wat extra tijd (meetfoutje:-).
 
Deze schier onbereikbare liefde is uiteindelijk dan toch gezwicht.
De avond voor het officieus opengaan zat ik, na het ophangen der lampjes, van het prachtig nachtelijk uitzicht te genieten, plots schoot ik vol, er liep een traan lang mijn wang, of twee, ze was de mijne.
 
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl
 
 

1899 Schubert am Klavier. Gustav Klimt.

Lees verder

Voetenfetisjist.                  Minks wekelijkse column 5-7-2020

Voetenfetisjist.                  Minks wekelijkse column 5-7-2020

 

Ik heb in mijn leven weleens vrouwen gehad wiens voeten een vreemde aantrekkingskracht op me hadden, geen flauw idee waarom dat zo was, het ging vanzelf, kwam gewoon in me op.

Nu was het andersom, mijn naakte voeten werden een soort van gekoesterd, haar ogen vertoonden een wazige glans, alsof ze alleen was met die voeten, zonder mij eraan vast als het ware.

 

Haar adoratie kwam mij vreemd voor, qua poezeligheid konden mijn lompe stappers geenszins in de schaduw staan van de lokkende ranke spitsen der geadoreerde one night stands wier voeten ik ooit kuste.

 

’t Was m’n eigen schuld, ik was zelf naar binnen gestapt, niemand dwong me, nu lag ik hier, vluchten was zinloos aangezien ik mijn schoenen en sokken nooit snel genoeg aan zou kunnen trekken.

Als een rat in de val zat ik bij deze vreemde vrouw met een schijnbaar ziekelijke hang naar voeten.

 

Ze wreef ze in met een soort van geurende olie, masseren was het eigenlijk, wel verkwikkend of beter nog: ontspannend.

Kietelen, daar kan ik echt niet tegen, ook nu niet, giechelend als een schoolmeisje spartelde ik alle kanten uit, ze kneedde intens verder.

 

Plots ging ze met een scalpel richting mijn kleine teen, het lemmet schitterde onheilspellend in het felle lamplicht, ik dacht een satanisch lachje te ontwaren, trok angstig mijn voet weg, “asjemenou” riep ik uit.

“Je wil toch van die eeltknobbel af, nou dat doen we dus met een scalpel, zo gebeurd, even flink zijn”.

Wonderbaarlijk genoeg voelde ik weinig, het was een sneetje van niks, ff met het elektrisch gutsje erin en wellicht lag strompelloos lopen,

op mijn splinternieuwe spierwitte gymschoenen, nu binnen handbereik.   

 

Slaafs trok ze me mijn sokken aan, ik voelde me opgelaten, wist geen houding te slaan, ze lachte. “Je hebt mooie voeten” sprak ze devoot.

Ik voelde me gevleid maar dit leek me toch ‘ten voeten uit’ een gevalletje voetfetisjisme, wel een hele goede reden om pedicure te worden toch? 😉   

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.         Meer: www.conck.nl

1885 The Old Gardener. Emile Claus.

Lees verder

Out-fit. Minks wekelijkse column 29-7-2020

Out-fit. Minks wekelijkse column 29-7-2020
 
Ben een beetje met mezelf aan de gang, een geheel nieuwe kledinglijn opgedrongen door wat bezoeksters van het café, die vonden dat het eeuwige witte T-shirt echt niet meer kon.
Voor mij was het goed genoeg, net als Einstein, ook een denker op niveau, met zijn pakken, elke dag dezelfde, wel telkens een schoon natuurlijk, scheelt een hoop geprakkiseer op de nuchtere maag.
 
Neen, het moest fleuriger en trendy, Miranda ging los op Zalando en hoe, shirts met bloemen, broeken met bindkoord en sleutelketting.
Aanvankelijk was ik mezelf kwijt en was opgezadeld met een pompeuze pias, maar toch, na de broodnodige complimenten kwam ik erachter dat niet de kleren maar ikzelf de man maakte.
 
Dan maar meteen nieuwe schoenen ook, de bouwerijkistjes met stalen neuzen hadden hun langste tijd wel gehad, het afscheid viel zwaar, dit was de genadeslag voor het ‘Den Ouden Mink’ image.
De hunkering naar hoge, witte gympies was al een poosje aanwezig, ik had ze voor het laatst gedragen in de tijd dat ik nog tongend op tochtige schoolpleintjes stond na een bezoek aan de disco.
Het vrije gevoel dat een paar simpele, soepele gympies op kunnen roepen verraste zeer, ik voelde me jaren jonger, brutaler, puberslungel tegendraadser….. en ja, zelfs iets ondeugender.
 
Op de Nep-Harley is het nog ff wennen: deze spierwitte noboklappers op de gitzwarte treeplanken, t’ zijn geen beste motorschoenen, dat is wel waar ik bezorgd over ben, tijdens die schoolpleintijd lag ik over dat soort dingen echt niet wakker, iets van jeugdige onbezonnenheid
 
Nu, na een paar dagen dragen zijn ze nog steeds smetteloos wit, “voor hoe lang nog”, hoor ik u zeggen, nou dat kan ik u vertellen: zeer kort.
Hoewel ik behoedzaam vlekken, krassen en schrappen tracht te voorkomen, zijn dit soort gebruikssporen onvermijdelijk.
Misschien wel beter ook, dat mijn Out-fit maar in rap tempo mag inslijten en ik weer snel mijn eigen vernieuwde zelf zal zijn.
 
 
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl
1730 Koning Louis XV. Hyacinthe Rigaud.

Lees verder

Gluiperige trots. Minks wekelijkse column 22-7-2020

 
Gluiperige trots. Minks wekelijkse column 22-7-2020
 
Op naar het gezondheidscentrum, zeg maar een uit bezuiniging geboren huisartsenberg die het met 1 assistente moet doen.
Loop als het even kan op 1,5 meter om mensen heen, onderweg passeer ik een zwerver, gemuilkorfd met een hightech mondkapje. Waar doet tie het van en waarvoor, lijkt me toch dat met zijn levensstijl een meerjarenstelsel sowieso geen schijn van kans heeft.
In de etalage van de, meestal lege, vintagewinkel hangt een bord dat zegt: max 3 personen, dat zou dan voor het eerst een topdag zijn:-).
 
In een poging de mij langzaam in zijn greep nemende aftakeling te ontkennen laat ik mijn oren uitspuiten door die ene assistente.
Volgens de steeds zachter pratende mensen om mij heen word ik doof, nou dat zullen we nog wel eens eventjes zien, met leesbril weliswaar.
 
Sinds eergister hoorde ik helemaal geen mallemoer meer. Het indruppelen der slaolie was, met een oud injectiespuitje van de dierenarts van Truus en Trees, een beetje ‘overdreven’.
 
Ondanks de vele dokters waar ze haar aandacht over moest verdelen is de assistente een aardige, opgeruimde griet met kennis van zaken.
Plaats nemen op het krukje en of ik zelf de RVS nierbekken onder een verstopt oor wil houden, de spuit gaat er in en het lauwe water doet traag suizend zijn reinigend werk. `”Valt mee, een magere vangst”.
Het tweede oor levert dapper strijd. Pas als de derde lading zijn weg in deze gehoorgang vindt slaakt de assistente een euforisch kreetje?
“Zooooooo, dat is een joekel!” Boven het bakje hangend ontmoeten onze verhitte blikken zich in een soort van gezamenlijke trots.
 
Terwijl Florence Nightingale het bakje omspoelt, vind ik het eigenlijk een beetje jammer. Je zou de prop bijna als trofee bewaren maar aan wie moet je zoiets in godsnaam tonen zonder een walging te ontlokken. Tis net zoiets als de trots over een forse pulk uit de neus, of de uitstoot van een welriekend menselijk uitlaatgas, wellicht kent een enkeling die gluiperige pleziertjes, helaas voor u is dit dus not done.
Buitengekomen ploppen mijn oren en een nieuwe wereld voor mij open, hoor vogeltjes fluiten en voel me plots veel jonger dan op de heenweg.
 
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl
1927 Man With Fur Hat (My brother animal). Albert Birkle.

Lees verder

Bijltjesdag.                         Minks wekelijkse column 15-7-2020

Bijltjesdag.                         Minks wekelijkse column 15-7-2020

 

Ik mag um wel, ken hem al vanaf de lagere school, later zat hij ook in de horeca, een aardige gozer, daar niet van.

Laatst schreef hij op een politieke reactie van mij: “wacht maar totdat het straks Bijltjesdag is”, heb niet gereageerd omdat ik dat ‘hem mogen’ koester, toch blijft die uitspraak me bezighouden.

Nou mag je in en van dit land natuurlijk vinden wat je wilt maar toch.

Bijltjesdag is in Nederland een term om aan te geven dat de tijd voor de afrekening is gekomen na een periode van onderdrukking (Wiki).

Onderdrukking, hier in Nederland, nu? Er stond ook nog dat door een verzwakt gezag mensen het recht in eigen hand nemen.

 

Blijkbaar zijn er dus mensen in dit land zo ontevreden dat ze spreken van Bijltjesdag, weet wat je zegt, tis nogal een boute uitspraak.

Neem nou de Fransen ten tijde van hun revolutie om die Louis de zoveelste te wippen, die mensen dachten het ook wel even te regelen en zij leden zeker blinde armoede.

Bijltjesdag daro ging over lynchen en moord, veelal uit sensatie. Plundering, pakken wat je pakken kan, niet alleen uit wraak maar     uit dezelfde hebberigheid als waarvan die ander werd beticht.

Zo was er een nieuwe baas in het land en zo rolde ook zijn kop…….. door toedoen van de guillotine in een redelijk goor rieten mandje.   

Neen, daar zijn die Fransen ook niet veel mee opgeschoten, een tijd van chaos en nog meer armoede dan voorheen brak aan, totdat Napoleon een coupe pleegde en zichzelf net zo verrijkte als zijn verfoeide voorgangers.

 

Dezer dagen geef ik een boel einde-basisschooldisco’s in het zaaltje onder mijn kroeg, heel wat groepen acht uit allerlei wijken passeren de revue en weet je wat ik zie………

Ik zie alleen maar hele gelukkige, vrolijke, vrijgevochten kinderen die goed gekleed en gevoed zijn, dat zet je toch nooit op het spel.

Kom op: Bijltjesdag, dat ga je toch niet menen!!!!!

 

Tekst: Mink Out.        Binnenkort de bundel.         Meer: www.conck.nl

1908 Death of the princess de Lamballe. Leon Maxime Faivre.

Lees verder

Pinky en Petra. Minks wekelijkse column 8-7-2020

 
Pinky en Petra. Minks wekelijkse column 8-7-2020
 
Petra was over de 50, erg koket, altijd tot in de puntjes verzorgd, het haar droeg ze een beetje in Dolly Parton stijl.
In de donkere kamer staarde ze naar een somber niets.
Tranen trokken traag sporen over haar gelaat, het leven was plots veranderd in een nachtmerrie, hoe moest dat nou verder.
De diagnose was duidelijk: borstkanker, geen uitzaaiingen maar de borst was niet te redden, nu die bestralingen, al haar haar was weg!
 
De deur opende zich eerbiedig, iemand knipte het licht aan, snel droogde ze haar tranen, rode ogen onthulde alsnog het diep verdriet.
Haar dochter zette voorzichtig een klein kartonnen doosje op tafel, wenkte en haalde voorzichtig het deksel er af.
Samen keken ze nieuwsgierig over de rand…… daar lag een heel klein kaal vogeltje in een roodbonte zakdoek, de oogjes nog helemaal dicht.
“De moeder is dood mam, het moet verzorgd, door jou? Afleiding?”
 
Kwetsbaar, teer en ontzettend lelijk, je kon het zien ademen, haar moederhart brak en sprak: ach gossie die arme schat”.
Snel een spuitje met pap, lamp erboven, kruik erbij. “Ik noem hem Pinky, van Pink Ribbon”.
 
Zo verstreek de tijd en werd Pinky een mooi, gruwelijk verwend vogeltje, met een prachtig verendekje, die Petra’ s schouder als redelijk vaste verblijfplaats had uitgekozen.
Wanneer hij met zijn kopje tegen haar wang aanschurkt wenst meneer gekriebelt te worden.
Verder vliegt hij vrij door het huis en is er geen veer op zijn lijf die er aan denkt door het open raam te vluchten, ze zijn onafscheidelijk.
Of hij schuilt in haar, gelukkig weer, volgroeide Dolly Parton coupe of hij eet, wat de pot schaft, mee vanaf de rand van haar bord.
 
Onlangs was Pinky ziek -later bleek van de gekleurde hagelslag- een rekening van € 375 was geen bezwaar, Petra ‘s man mopperde over zoveel geld voor zo’n klein k.t vogeltje maar is stiekem ook verliefd.
Ze kwamen elkaar op het goede moment tegen Pinky en Petra, das toch prachtig, en ze leefden nog……wis en waarachtig!!!!:-)
 
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl
 
1891 Young girl with a bird. Berthe Morisot.

Lees verder

Website by Splendit 2020