CAFÉ DE CONCKELAER IS OP DONDERDAG, VRIJDAG EN ZATERDAG GEOPEND VAN 16:00 TOT 24:00U . ZONDAG ZIJN WE OPEN VAN 16:00 TOT 20:00U. IS HET TERRASWEER DAN GAAN WE OP DIE DAGEN EEN UURTJE EERDER OPEN.

Arebeie.                   Minks wekelijkse column 23-8-2023

Arebeie.                   Minks wekelijkse column 23-8-2023

 

Naast de schutting stond aan weerszijden een leeg bierkratje. Deze, door buurvrouw Sjaan nuffig “Berlijnse muur” genoemde, betonnen erfafscheiding moest mijn opdringerige buur stuiten. Eigenlijk behoede de schutting ons van een soort koude oorlog. Ik werd gek van haar deurenplatloperij in die pre-Berlijnse-muur-periode.

Met de nieuwe voordeur-aanbel-methode werd onze band hechter en hechter.

Mag nu achteraf wel stellen dat ik met weinigen zo’n goede band heb gehad.    

Op een goede zomerdag hoorde ik een vreemd gezucht en stak, staand op mijn bierkratje, het hoofd boven de Berlijnse muur uit om poolshoogte te nemen. Daar zat Sjaan met haar knokige knietjes op een handdoekje in de tuin de aarde om te wroeten. Heur lang loshangend haar bedekte de flanken van haar gezicht. Het leek er op dat ze aan het planten was geslagen. Dat was niets voor haar. Ze had zeker geen groene vingers, eerder gele vingers van het onafgebroken roken waar ze tevergeefs iedere dag opnieuw mee stopte.

“Ben je aan het doen Sjaan?” “Arebeieplantje Mink. Komen heerlijke zoete grote arebeie aan, zei die groenteboer op de Mart waar ik ze heb gekocht”.

“Nah, das dan lekkert, zal ik vast broodjes halen en yoghurt?” “Nee joh lijp, das pas volgend jaar of over twee jaar, dat hep ze tijd nodagh. Bakkie koffie gozahtjuh?” “Kom dran Sjaan”.

Diep in de nacht opende ik zachtjes het Berlijnse muur-hek. Ik moest hem ietwat oplichten om het knarsen tegen te gaan, maar traag en met ingehouden adem lukte het zowaar. Met een kolossale bak aardbeien liep ik op mijn tenen tot aan het jonge, wortelschietende, vruchtloze bibberplantje. Behoedzaam strooide ik er een berg rooie rakkers omheen. Slechts een drietal blaadjes piekten er bovenuit. Als een dief in de nacht sloop ik bij het, in valse trots zwelgende, plantje weg. In bed lag ik me, met bonzend hart, nog lange tijd te verkneukelen.

Zonnebadend op de stretcher wachtte ik in spanning af op wat komen zou.

Haar keukendeur ging open, zij op haar kratje, ‘hoof’ boven de muur uit: “Mogguh, jij bent vroeg?” “Ja slecht geslapen, probeer het zo nog ff”.

Ze trok zich terug. Ik spitste mijn oren en hoorde haar scharrelen.

“Krijg nou de tering!” Heel even bleef het stil, ‘hoof’ weer boven de schutting: “Jij lamlul?”. “Wat”. “Ja die arebeie”. “Wellekuh arebije?”  “Ja die berg”.

“Wellekuh berg? Ok, ik haal wel brood en yoghurt”. Mooie tijd met Sjaan.

Tekst: Mink Out.                 Binnenkort Minks 2e bundel: www.conckshop.nl

1875-77 The gardeners. Gustave Caillebotte.  

Website by Splendit 2021