Eindejaar verhaal 2016.    Minks wekelijkse column 28-12-2016.

Eindejaar verhaal 2016.    Minks wekelijkse column 28-12-2016.

 

Daar stond ze dan in haar paasbeste kerstkleding, Den Ouden Neel, we gingen naar familiaire types op de Swikkenerdijk, Noord Holland. “Zo jongen, kost zeker wel wat zo’n rolstoelbus, had je niet hoeven doen”. “Kom mam, stap in, uh, uh, rol in, anders komen we er nooit”. Onderweg vult de cabine zich met zang van haar, Rudolf Shock en mij. “O Mädchen, mein Mädchen, wie lieb ich dich”.

De Swikkernerdijk, wel tien kilometer lang, typisch Hollands, aan de éne kant velden met vee en aan de andere kant water.

Halverwege de dijk, een forse knal, ik rem, stap uit en daar ligt ze, een prachtige vrouw met lang blond haar en bloot bovenlijf.

Ondanks de ernst van de zaak, kan ik het toch niet nalaten haar prachtige borsten monsterend in mij op te nemen.

Ze bewegen zacht mee met haar regelmatig adem halen, veel tijd om mij te verlekkeren heb ik niet, de wind giert rond ons heen en regenflarden striemen de dijk. Uit de bus roept Den Ouden Neel:” laat liggen, we komen te laat!” “Neen ik neem haar mee” zeg ik terwijl ik nogmaals de lokkende borsten streel, met mijn ogen.

“Een staart, wat bedoel je jongen?”. “Nou mam, geen benen maar een staart met schubben zoals een vis”. “Ik zei nog zo, laat liggen jongen”.

 

Een wagen achter mij geeft een stopteken: “Controle, mag ik even achterin kijken. Zo…….. meneertje vervoerd vis zonder een geldige vergunning”. “Vis, kijk naar die borsten, dat is toch geen vis”. “Meneer, ik probeer hier mijn ambt uit te oefenen en laat me niet afleiden door een paar, overigens wel erg fraaie, borsten. Ik zie duidelijk een staart met schubben dus het is een vis, dat wordt een bekeuring” sprak hij genoegzaam op zijn tenen wippend.

Plotseling spert de pennenlikker de ogen en mond wijd open.

Achter hem, uit het niets, spietst een man met ontbloot bovenlijf en woeste baard de ambtenaar aan zijn drietand, die ik er aan de voorkant, bebloed, weer uit zie komen. Woestbaard tilt de ambtenaar boven zijn hoofd en smijt deze in de rivier.

Hij neemt mijn geredde visvrouw in de armen en loopt eerbiedig de dijk af het inktzwarte water in. Zijn kroon zie ik als laatste geruisloos omsloten worden een enkel belletje achter latend.

Een laatste druppel regen valt, de wind geeft op, het water kalmeert en sterren fonkelde aan de hemel, 2016 is bijna voorbij, gelukkig maar.

 

Tekstverantwoording: Mink Out.                            Meer: www.conck.nl  

Website by Splendit 2018

logo-1